De danssport:

Danssport is een teamsport. De oorspronkelijke definitie van danssport is dansen als paar tussen een man en een vrouw, maar vaak ook als man en man, en vrouw met vrouw, of als groepen of paren gecombineerd als team. Danssport is oorspronkelijk ontwikkeld via Ballroom competitie dansen. Tegenwoordig zijn er meer dansen erkend als danssport.

Stijldansen:

De allereerste dansen zijn in de loop der eeuwen veranderd, in bijvoorbeeld groepsdansen, duo-dansen en solodansen. De stijldansen worden verdeeld in Ballroom en Latijns-Amerikaans. Ballroom kan je herkennen aan dat de vrouw en de man tegen elkaar aanstaan. De man geeft met zijn heupen de richting aan.

De laatste jaren heeft stijldansen een flinke comeback gemaakt. Lessen worden op vele plaatsen en aan mensen van verschillende leeftijden gegeven. Stijldansen blijft een sociale bezigheid. De principes van het stijldansen kunnen toegepast worden op bijna alle soorten muziek, of je nu naar klassieke walsen luistert, of naar disco of rock. Dit is omdat stijldansen een strikt tempo volgt. Voor de beginnende danser betekent dit, dat de muziek een gelijk patroon aan tellen vertoont. De twee meest voorkomende typen zijn driekwartsmaat of de vierkwartsmaat. Dit betekent dat vaak ook je favoriete muziek perfecte dans muziek is.

Het verschil tussen Ballroom, Latin dansen en Danssport:

Ballroom is de meest algemene en oudste term dat gebruikt wordt en gebruikt wordt om de Tango, Slow Foxtrot, Quickstep en Weense en Engelse Wals te beschrijven. Latijns Amerikaanse dansen zijn de Cha Cha Cha, Samba, Rumba, Paso Doble en de Jive.
Danssport is de competitieve kant van zowel Standard als Latin dansen, waar paren gejureerd worden door juryleden. Het doel is om de hoogste plaats te behalen. Danssport bestaat uit drie onderdelen: Standaard (Ballroom), Latijns-Amerikaans en de 10-dans. 10-dans is een combinatie van Standaard Ballroom en Latijns-Amerikaanse dansen. Om mee te doen in een 10 dans competitie moet je zowel 5 standard als 5 latin dansen dansen. Aan de andere kant hebben we Social Dancing (sociaal dansen), waar dansen voor het plezier is en om mensen te ontmoeten. De niveau's binnen social dancing zijn niet zo belangrijk, zodat je gewoon kan zeggen: "We gaan dansen".

 

 

LATIN DANSEN:

 

Vergeleken met de ballroom is er in de latin-dansen meer uitdaging en passie te zien. De dame daagt de heer uit, ze dansen dus ook meestal niet tegen elkaar aan. Er is wel contact tussen de dame en de heer, maar dat is (in tegenstelling tot de ballroom dansen) slechts tijdelijk. De latin-dansen zijn qua ritme ook sneller dan de ballroomdansen. Bij de latin-dansen wordt ook veel gebruik gemaakt van de heupen, de heupen zijn heel belangrijk tijdens het dansen. Zij geven extra effect aan de dans.

 


Rumba:

De Rumba is de oudste bekende Latijns-Amerikaanse dans. In de zestiende eeuw werd deze al gedanst. De Rumba is ontstaan in Cuba doordat veel Afrikaanse slaven hun cultuur trouw bleven en het langzame ritme vol overgave dansten. De rumba is een dans van verleiding. De vrouw daagt de man uit en verleidt hem met haar charmes. Ze lokt de man met sensuele bewegingen, maar zodra de man dichterbij komt, wijst zij hem weer af. De man probeert de vrouw te imponeren en laat duidelijk weten dat hij geïnteresseerd is. De Rumba is een erotische en gepassioneerde dans. De bewegingen van het lichaam zijn het focuspunt voor de uitvoering van de dans. Een goede timing en goed geplaatste dynamische bewegingen zijn bij de Rumba van cruciaal belang.


Samba:

De Samba is ontstaan is Afrika, maar vervolgens in Brazilië verder ontwikkeld. De samba is voornamelijk bekend door de Braziliaanse carnaval. Plezier en vrolijkheid zijn de sleutelwoorden van deze dans. De Sambamuziek en dans roept een zomerse sfeer op, met schaars geklede dames en heren die met name hun heupen wild bewegen op de opzwepende muziek. Zoals bij alle Zuid-Amerikaanse muziek is het flirtende karakter duidelijk aanwezig. Veel mensen denken dat de samba een bepaalde dans is. Dat is echter niet het geval, er zijn veel verschillende versies van de samba. Deze hebben elk een eigen ritme, tempo en sfeer. De dans die in Europa bekend is als de samba is maar een variant van de vele die er zijn. Bij de samba is het goed bewegen vanuit de heupen essentieel.


Cha Cha Cha:

De Cha Cha Cha is ontstaan in Cuba en komt voort uit de Mambo. In de jaren ’50 is deze dans in Amerika en Europa geïntroduceerd. Het is een levendige en ondeugende dans met veel korte en snelle bewegingen. De dans is gebaseerd op drie achtereenvolgende passen die steeds samenvallen met de accenten in de muziek. De naam komt voort uit het roffelen van de voeten op de vloer bij het dansen van deze drie passen. De Cha Cha Cha is echt een positie dans, er wordt dus bijna geen afstand afgelegd op de dansvloer. Bij de uitvoering van deze dans is de timing van de bewegingen het allerbelangrijkst.


Paso Double:

De Paso Double is rond 1920 ontstaan is Spanje. Letterlijk betekend deze dans “dubbele pas.” Deze dans is gebaseerd op het typisch Spaanse stierenvechten. In tegenstellingen tot de meeste latin dansen is de heer de leider. De heer is de matador (stierenvechter) en de dame beeldt de rode cape uit die de stier op moet jagen. Naast de invloeden van het stierenvechten zijn ook veel passen van de Flamenco terug te vinden in deze passionele dans.


Jive:

De Jive is een heerlijk swingende dans die na 1940 onder de naam Jitterbug het westen veroverde. In Nederland kwam deze dans mee met de geallieerde militairen uit Amerika. Deze dans is een combinatie van invloeden uit Rock&Roll, Boogie Woogie en African/American Swing. Eind jaren ’50 bereikte de dans zijn huidige stijl. Bij deze dans ligt de nadruk op snelheid, uitleven en swingen!

 

Salsa en Mambo

Ook deze dansen zijn afgeleid van de Cubaanse "Son". 

De Salsa is in wezen de dans van het volk en gaat terug naar zijn oorsprong. 

Alhoewel iedereen in beide dansen vrijwel dezelfde basispassen danst, zijn de 

variaties ontelbaarWij doen dan ook ons best om elkeen voldoening te schenken.

 

Merengue

Deze nationale dans van de Dominicaanse Republiek is gekenmerkt door zijn 

verleidende heupbewegingen. Meestal zijn de variaties eenvoudig. 

De Merengue werd enkele jaren geleden nogmaals populair door de introductie 

van de Soca, een modedans die er volledig op gebaseerd was . 

 

Bachata

De bachata is een dans die je met een partner danst. Het is zoals wij dat noemen een "straatdans" oftewel een improvisatie dans. De basis wordt in principe altijd gedanst op 3 tellen met op de 4de tel een tap  met een specifieke heupaccent. Daarnaast wordt er in de basis voor- en achterwaarts, maar vooral zijwaarts gedanst waarin ook gedraaid kan worden.

Op de romantische  en melancholische batchata muziek wordt doorgaans close gedanst, afgewisseld met enkele combinaties zodat er rustig genoten kan  worden van de muziek.

 

BALLROOM DANSEN:

Kenmerkend voor deze groep dansen is dat de dame en heer tijdens het dansen tegenover elkaar staan en wel op zo'n manier dat we spreken van lichaamscontact.


Engelse wals & Weense wals:

De wals ontstond in de 17e eeuw in Zuid-Duitsland. Het is een van de meest populaire en bekendste dansen. De wals werd populair als een "social" dans door o.a. de muziek van Johan Strauss. De naam Weense wals is dan ook makkelijk te associeren met de muziek van Strauss. Behalve de weense wals, die over het algemeen snel wordt gedanst en in de praktijk heel wat moeilijker is dan het lijkt, kennen we ook de engelse wals. De engelse wals is in 1921 ontstaan. De voorloper van de engelse wals is de Boston, die reeds in 1874 vanuit Amerika werd ingevoerd. De engelse wals is langzamer, met slepende golvende bewegingen.


Tango:

Deze dans komt oorspronkelijk uit Argentinië. De tango is rond 1880 ontstaan in de ordinairste wijk van Buenos Aires: 'Barrio de las Ranas en werd gedanst door de "Gouchos". De tango werd in eerste instantie beschouwd als een ordinaire en vulgaire dans. In 1920 was de tango voor de eerste keer op film te zien, gedanst door, hoe kan het anders, Rudolp Valentino en werd de tango uit de subcultuur van de bordelen tot dans van de Europese en Amerikaanse high society verheven. De dans sloeg in: in restaurants, hotels en andere openbare gelegenheden werden "thé tango" of "tango teas" gehouden voor diegenen die in de late middag en vroege avond prijs stelden op wat actief vermaak. Een echte Argentijnse pianist, een klein orkest of anders een grammofoon speelde muziek en men danste tussen de theetafeltjes in. De tango was in die tijd niet aan regels gebonden; er bestonden zoveel vormen als er dansleraren waren. De tegenwoordige tango lijkt wel enigszins op de oude Argentijnse tango, maar is absoluut niet meer ordinair te noemen. De strakke, staccato bewegingen, en dan met name de hoofdacties van de dame zijn kenmerkend voor de tango. We kennen twee vormen: De europese tango en de argentijnse tango. Op de meeste dansscholen wordt de europese tango geleerd. De telling is : een, twee, een, twee, drie Dankzij de activiteit van het comité van ISTD is ook de tango gestandaardiseerd. De muziek wordt uitgevoerd in een tempo van 33 maten per minuut waarbij het paar een nauw fysisch contact onderhoudt. Voor de ware ballroom-liefhebber is de tango nog steeds het neusje van de zalm en een goed uitgevoerde tango is dan ook een lust voor het oog.


Slow Foxtrot:

Over de slow foxtrot wordt ook wel gezegd als je deze dans goed kan dansen kan je de overige ballroom dansen ook dansen. Voor alle ballroom dansen geld dat het progressieve dansen zijn. De paren maken volledig gebruik van de dansvloer. Tijdens het dansen ligt het accent op de eerste en derde maat. Op wedstrijden duurt de Slow Foxtrot ca. 1,5 - 2 minuten en is de officiele snelheid van deze dans vast gesteld op 30bpm. De Slow Foxtrot is een elegante en gracieuze dans. Met als kenmerk dat bij de body swings het lichaam eerst komt en niet zoals normaal de voeten eerst komen. De slow foxtrot is bij de meeste dansers niet de favourite dans. Voor de Slow Foxtrot is een goede techniek bijna een vereiste. Dit komt omdat deze dans vraagt dat je veel controle hebt over je bewegingen op de langzame maat van de muziek. Het rijzen en dalen staat ook bij deze dans centraal en draagt in hoge mate bij aan de elegantie van deze dans. De slow foxtrot moet je voelen en met de juiste techniek ten uitvoer brengen. Bij de Slow foxtrot dans je van de ene kant naar de andere kant van je lichaam (je strekt de zijkant van je lichaam helemaal op, niet alleen je arm op tillen), hierdoor krijg je de glooiende beweging van deze dans. Wat vooral belangrijk is bij de slow foxtrot is dat je als paar één bent. De SlowFox is in het begin van 1900 in Amerika ontstaan als Ragtime en werd oorspronkelijk zeer snel gedanst. Tegenwoordig wordt hij echter langzaam gespeeld. De slow foxtrot wordt in de volksmond ook wel eens gewoon foxtrot genoemd maar dat is dus niet terecht. Dit was wel de oorspronkelijke naam voor deze dans, maar die werd in 1924 gewijzigd in slow foxtrot toen men deze langzamer is gaan spelen. De slowfox wordt van hoek tot hoek, schuin over de dansvloer gedanst. De slowfox is een gratieuse dans, maar tegelijkertijd ook de moeilijkste dans. Heel wat dansparen starten deze dans steeds maar weer opnieuw.


Quick step:

Quickstep (Maat: 4/4; Tempo: 49-52 BPM)

De quickstep is de opvolger van de (slow) foxtrot. In 1924 gaf men deze dans de naam 'quick time foxtrot', omdat de muziek voor deze dans te snel gespeeld werd om de figuren van de slow foxtrot op te kunnen dansen.
Het ritme van de quickstep is ook anders, omdat deze gedanst wordt als slow-quick-quick-quick. Dit ritme heeft dus een quick extra vergeleken met de slow foxtrot.
De basis van de quickstep is stap-zij-sluit-zij. De dans is onder andere beïnvloedt door de Charleston.
De quickstep in uitgegroeid tot een van de meest gedanste dansen. Het is ook een van de eerste dansen die je op dansles leert. De quickstep staat ook wel eens in de boeken onder de naam 'vlugge foxtrot'

 

De quickstep is de populairste dans. Bijna iedere dansschool begint met deze dans. Het is een snelle en vrolijke dans. In het begin van de 20ste eeuw was is in Frankrijk de revue tot ontwikkeling gekomen en de Parijse revue-theaters zoals de Folies-Bergère en de Moulin Rouge waren wereldberoemd. Het idee van de revue sprak Florenz Ziegfield bijzonder aan en hij stichtte in 1907 in Amerika zijn Ziegfield Follies. In zijn revue-theater traden de grootste sterren op en werden songs gebracht van beroemde componisten als George Gershwin, Cole Porter en Irving Berlin. Eén van de sterren van Ziegfield Follies was Harry Fox. In 1914 bracht hij op de destijds populaire ragtime-muziek een geheel eigen nieuwe dans, een "trot" (drafdans). De trot van Fox sloeg in en nog in hetzelfde jaar demonstreerde een dansleraar uit New York de foxtrot aan de leden van de ISTD te Londen. De dans werd gepolijst en bijgeschaafd, de sprongen en capriolen werden geschrapt en figuren zoals de twinkle en de chassé bijgevoegd. De foxtrot nam zijn plaats in onder de ballroom dansen. In de jaren dertig werd de foxtrot op steeds langzamere muziek gedanst: de langzame vorm van de foxtrot in Engelse stijl kreeg de (logische) naam Slow Foxtrot. Daarnaast werd de vlugge foxtrot opnieuw gestandaardiseerd en deze dans in Engelse stijl kreeg nu de naam Quickstep. De quickstep is uitgegroeid tot een van de meest gedanste dansen. Het is ook een van de eerste dansen die je op dansles leert. De quickstep staat ook wel eens in de boeken onder de naam "vlugge foxtrot"